Voorbestemd om in beweging te zijn

Het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden pakt uit met de nieuwe wintertentoonstelling: ‘Cyprus – eiland in beweging’. Voor het eerst besteedt een Nederlands museum aandacht aan de rijke Cypriotische archeologie met een eigen, grote expositie. Ook aan de Cypriotische kant is sprake van een primeur: nog nooit stelde het nationale museum in Nicosia zoveel objecten beschikbaar voor bruikleen. Aanzet ging naar Leiden voor de speciale persbezichtiging en zag daar een geslaagd verhaal, dat inderdaad letterlijk en figuurlijk in beweging is.

‘Cyprus is voorbestemd om in beweging te zijn’, zo opent conservator Ruurd Halbertsma de inleidende lezing voor de aanwezige pers. Die gedachte sluit aan bij de veranderende manier waarop in de museumwereld met het Cypriotische erfgoed omgesprongen wordt. Al vanaf Herodotos werd het land voornamelijk gekarakteriseerd aan de hand van termen als ‘smeltkroes’ of ‘dialoog’. Nu is ‘beweging’ het nieuwe zwart geworden: een lange reis, van Assyrisch naar Egyptisch, van Perzisch naar Grieks en ook nog door naar Romeins.

Aan het begin van deze reis heet een standbeeld van Aphrodite de bezoeker welkom. Hesiodos schreef al dat het op dit eiland was dat de uit schuim geboren godin verscheen. De objecten van haar eiland weerspiegelen een grote verscheidenheid: een terracottamodel met stierenkoppen uit een heiligdom, een Myceense krater van aardewerk of een Romeins mozaïek. Technisch vernuft blijkt ondermeer uit een badkuip met een eigen afvoersysteem. Conservator Halbertsma benadrukt graag ook een strijdwagen van terracotta: het beeldje toont volgens hem de ‘plezier in het vormgeven’ van de Cyprioten.

Recensie RMO 2

Een terracottamodel van een strijdwagen annex drinkbeker, c. 600-500 v. Chr. © Cyprus Museum, Nicosia. Bron: Rijksmuseum van Oudheden, persfoto.


Aphrodites tocht leidt de bezoeker langs verschillende thema’s: beweging van mensen, van goederen, van ideeën, van leven (en dood) en ín de kunst. Deze verdeling is overzichtelijk en rustig. Ze maakt dat de bezoeker de vele objecten en teksten goed tot zich kan nemen en kan overdenken, zonder overweldigd te worden of de draad kwijt te raken.

Die draad wordt bewaakt door een aantal imposante en schitterende foto’s op de muren, verzorgd door Natascha Libbert. De tentoonstelling laat daarmee niet alleen het archeologisch, maar ook natuurlijk erfgoed van het eiland zien. Het is niet zo dat het plaatsen van een beeld van de held Asklepios voor een foto de bezoeker zich direct in Cyprus doet wanen, maar de esthetische waarde is hoog. Met name het beeld van het Troödosgebergte achter een schitterende sfinx en leeuw zal de bezoeker even doen stilstaan.

Beeld is sowieso een belangrijke component van de tentoonstelling. Naast foto’s wordt er in ‘Cyprus’ ook gebruikgemaakt van film. Deze beweging in meer letterlijke zin vormt een interessant, spannend decor. De projecties van bubbelend water en zwiepend gras bieden een mooie achtergrond aan kleine stenen bootjes en agrarische gebruiksvoorwerpen. Aan het einde van Aphrodite’s tocht ziet een bezoeker een geanimeerde projectie. Andermaal zijn rust en simpele vormgeving het devies: op een zwarte achtergrond komen eenvoudige witte figuren voorbij, zoals vissers, jagers en dolfijnen. Samen roepen ze de verschillende soorten beweging uit de tentoonstelling in herinnering.

Deze beelden zijn ‘vormgeving zonder materiaal’, zegt Wim Weijland, directeur van het museum, desgevraagd. Uiteraard komt het bewegend beeld esthetisch en inhoudelijk ten goede, maar de overweging heeft nog een betekenis. Weijland vertelt dat duurzaamheid bij deze tentoonstelling een belangrijk oogpunt is geweest. Het meest concreet komt dat oogpunt terug in de zuinige omgang met materiaal: projectie met een beamer kost de planeet minder dan het printen van meerdere grote foto’s. Ook bespaart de tentoonstelling op sokkels en vitrines: waar mogelijk, zijn veel zaken met touwen bevestigd aan het buizen in het plafond. De sokkels en vitrines die er wel zijn, zijn zo ‘algemeen’ mogelijk vormgegeven: dat wil zeggen dat ze eenvoudig hergebruikt kunnen worden, ook bij een totaal andere tentoonstelling. Een museum dat midden in de samenleving staat en wil staan, aldus Weijland, moet zich hiermee bezighouden.

Als de bezoeker de projectie gezien heeft, is het einde van de tentoonstelling bereikt. Maar tijdens de inleidende lezing had Halbertsma gesteld de bezoeker twee verhalen te willen vertellen. De tentoonstelling moet een ‘dubbele verhaallijn’ hebben: naast de geschiedenis van Cyprus zelf moet het Cypriotische archeologische bedrijf ook de aandacht krijgen. Dat is, kort gezegd, mislukt. Het is wel degelijk aanwezig, maar de bezoeker moet goed zoeken om dit verhaal ook te vinden: te goed, eigenlijk. Dit, eerlijk is eerlijk, minder spannende verhaal is kleiner weergegeven, met veel meer tekst dan objecten. Als de bezoeker het al opvalt, dan zal de neiging om door te lopen vermoedelijk groot zijn. Dat is jammer, want het verhaal is wel degelijk interessant. Zo wordt ook de keerzijde van de prachtige foto’s en films duidelijk: ze trekken de aandacht, maar onttrekken die dus ook aan ander verhaal.

Al met al is de wintertentoonstelling van het RMO een toegankelijke, overzichtelijke en interessante tentoonstelling. Ook al valt een belangrijk verhaal weg, de rijke geschiedenis van het eiland wordt overtuigend en met bravoure verteld. De gekozen objecten, begeleidende teksten en met name het schitterende beeldmateriaal zullen bezoekers van zeer divers pluimage een geslaagde introductie bezorgen. Het constant bewegende Cyprus zal mensen aantrekken en aanzetten tot denken. In die zin is de tentoonstelling misschien wel het beste argument tegen Aristoteles’ concept van de ‘onbewogen beweger’.

Uitgelichte foto, bovenaan de pagina: De foto van het Troödosgebergte, met daarvoor onder andere de leeuw en sfinx. Bron: Rijksmuseum van Oudheden, persfoto.

~ Bram Benthem, uit jaargang 35 nummer 1